Verhuurders opgepast: hulpbehoevende huurders vormen een risico

Op 1 januari 2015 treedt de nieuwe Wet maatschappelijke ondersteuning in werking. Die wet regelt onder meer dat aan hulpbehoevenden maatwerkvoorzieningen kunnen worden verstrekt. Denk daarbij bijvoorbeeld aan een traplift of een aangepast keukenblok. Opvallend is hierbij dat de hulpbehoevende huurder geen toestemming nodig heeft van u als verhuurder. Evenmin hoeft deze huurder de aanpassingen ongedaan te maken.

In het huurrecht is artikel 7:215, eerste lid, van het Burgerlijk Wetboek voor de verhuurder van bijzonder belang. In dat artikel staat dat de huurder zonder schriftelijke toestemming van de verhuurder niet bevoegd is om de inrichting of gedaante van het gehuurde te veranderen. Op deze hoofdregel geldt een uitzondering, wanneer het gaat om veranderingen of toevoegingen die bij het einde van de huurovereenkomst zonder noemenswaardige kosten ongedaan gemaakt kunnen worden en kunnen worden verwijderd.

Artikel 2.3.7 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 maakt op deze belangrijke regel uit het huurrecht een uitzondering. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waarin een hulpbehoevende huurder woont, of deze huurder zelf, is bevoegd om zonder toestemming van de betreffende verhuurder een verstrekte woningaanpassing aan te brengen (of te doen aanbrengen). Bovendien volgt uit dit artikel dat de aanpassingen niet ongedaan hoeven te worden gemaakt bij het einde van de huurovereenkomst, wederom in afwijking van de hoofdregel uit het huurrecht.

Als verhuurder dient u wel in de gelegenheid te worden gesteld door het betreffende college van burgemeester en wethouders om te worden gehoord. Uit de parlementaire geschiedenis volgt dat die mogelijkheid u de gelegenheid biedt om bij uitvoeringskwesties te worden betrokken. Bovendien beoogt de wetgever uw belangen als eigenaar van de woning te beschermen, door ook uw (!) kosten van het weer ongedaan maken van de aanpassingen in de te maken afweging worden betrokken.

Het is belangrijk dat u als verhuurder in een voorkomend geval gebruik maakt van uw recht om te worden gehoord. Verstrekt het college van burgemeester en wethouders ondanks uw standpunt toch de maatwerkvoorziening, dan kan dit een aanzienlijke inbreuk op uw eigendomsrecht tot gevolg hebben, zeker wanneer het om ingrijpende aanpassingen gaat. U kunt hier dan tegen in bezwaar; bovendien zult u wellicht een voorlopige voorziening moeten aanvragen, omdat de aanpassingen ondanks uw bezwaar anders al wel mogen worden gedaan. Hoeveel kans van slagen u hebt in een dergelijke procedure, is altijd afhankelijk van de omstandigheden van het geval.

Voor het horen en het maken van bezwaar gelden strakke termijnen. Mocht u vanaf 2015 op enig moment geconfronteerd worden met een dergelijk (voorgenomen) besluit, dan zult u zich hier goed van bewust moeten zijn. Wij zijn u hier graag bij van dienst.

 

Thema's: Bestuursrecht, Commerciële (ver)huur, Arbeid en Overheid en onderwijs
Auteur: mr. Eric van der Goot

Meer nieuws Nieuwsbrief

Actueel

  • Verhuurders let op: we gaan weer terug naar vaste huurcontracten
    Lees meer
  • Digitale error komt voor risico van de advocaat
    Lees meer
  • Wro of Omgevingswet bij een gewijzigd bestemmingsplan?
    Lees meer

Meer nieuws Nieuwsbrief

Advocaten en juristen

Wim Bulthuis

Advocaat

Ivo van der Meer

Advocaat

Cynthia Grondsma

Advocaat

Dirk-Jan Westra

Advocaat

José Kemper

Advocaat

Willemijn Kuper

Advocaat

Lisa Blankestijn

Advocaat

Ayla Bosma

Advocaat

Femke de Jong

Advocaat

Aimée Tjalma

Advocaat

Gido Kalfsbeek

Juridisch medewerker

Alle advocaten en juristen

Deze website gebruikt cookies Ok