Rotshuizen Geense Advocaten speelde belangrijke rol bij voortbestaan Thialf

Rotshuizen Geense Advocaten bestaat 75 jaar, reden om de komende tijd terug te kijken aan de hand van actuele zaken, die onderdeel zijn van de geschiedenis van Rotshuizen Geense Advocaten.

IJsstadion Thialf is recent gesloten om fors te worden verbouwd. Aldus zal Thialf ook in de toekomst voldoen aan de eisen die de schaatsbond KNSB stelt aan een locatie voor belangrijke wedstrijden. Er was een discussie over de kosten van de verbouwing, maar het geld voor deze ingreep is zonder meer beschikbaar. Ook afkomstig van de provincie Friesland, die de internationale status van deze “schaatstempel” wil behouden.

Rotshuizen Geense Advocaten werkte in 1987 aan een gecompliceerde zaak rond ijsstadion Thialf. Het ging om een surseance van betaling.  Advocaat Adriaan Geense blikt terug en kijkt vooruit.

Het is groot nieuws in mei 1987: ijsstadion Thialf verkeert in financiële moeilijkheden en staat op de rand van een faillissement. Het nieuws bereikt het publiek nog geen drie maanden na het eerste internationale titeltoernooi op de overdekte kunstijsbaan: het succesvol verlopen wereldkampioenschap allround voor mannen.

 Thialf krijgt van de rechter uitstel van betaling. Als bewindvoerders in de surseance worden Henk Boonstra en Adriaan Geense van RGA aangewezen. Een paar maanden later ligt er een uitgewerkt reddingsplan op tafel en een nieuw exploitatiemodel voor het ijsstadion. Thialf is gered.

,,En dat was best uitzonderlijk”, stelt Geense. ,,Meestal draait een surseance uit op een faillissement. Een geslaagde surseance komt niet zo vaak voor.”

De surseance van Thialf is ingewikkeld. Er zijn veel partijen bij betrokken, de nieuwbouw en overkapping van de ijsbaan rammelt financieel en het ijsstadion heeft forse schulden. De bewindvoerders voeren intensief overleg met de gemeenten Heerenveen en Skarsterlân, de provincie Friesland, schaatsbond KNSB, een verzekeraar, de bank en de grootste crediteuren. Geense gaat ook naar Den Haag voor overleg met het ministerie van Economische Zaken. ,,De provincie Friesland stelde hiervoor een auto met chauffeur en een telefoon ter beschikking. Dat was nogal bijzonder in die tijd.”

Het ,,cijfermatige plaatje” is vrij snel klaar. De bewindvoerders weten wat de afbouw van het stadion moet kosten (ongeveer twee miljoen gulden) en wat er nodig is om van de schulden af te komen (circa 3,5 miljoen gulden). Maar waar halen ze dat geld vandaan en hoe wordt de financiële last verdeeld over de verschillende partijen?

Tijdens de gesprekken merken de bewindvoerders al gauw dat de grote crediteuren (onder wie Feenstra Verwarming en ingenieursbureau Oranjewoud) bereid zijn om water bij de wijn te doen. Het contact met de overheden verloopt moeizamer. Geense: ,,Tegen de provincie heb ik uiteindelijk gezegd: ik moet dát bedrag van jullie hebben, anders redden we het niet. Het was meer dan ze beschikbaar wilden stellen, maar ze gingen toch overstag.”

Van de KNSB krijgt Geense per brief een belangrijke, nu niet meer zo logische toezegging los: de schaatsbond is bereid om internationale toernooien die Nederland in de toekomst mag organiseren aan Thialf toe te wijzen. ,,Dat was van belang om geldschieters aan boord te houden. Die kregen door de toezegging weer vertrouwen in de exploitatie van het stadion.”

Bij veel partijen speelt een bepaald sentiment een rol, merkt Geense tijdens de gesprekken. Ze willen Thialf niet failliet laten gaan, want dat zou een blamage betekenen voor Friesland. Sommige betrokkenen, zoals Feenstra Verwarming, zijn als sponsor met de schaatssport verknoopt. Dat scheelt ook. Zelf heeft Geense niet veel met de sport. ,,Voor mij was het een kwestie van professionele beroepstrots om de surseance voor elkaar te krijgen.”

Eind juli 1987 is de zaak rond. De bewindvoerders hebben voldoende geld bijeengebracht om het bankroet van Thialf af te wenden. De overheden hebben bijdragen toegezegd. De grote crediteuren gaan ermee akkoord dat hun volledige vordering wordt omgezet in aandelenkapitaal. De kleine crediteuren krijgen maximaal een kwart of iets meer van hun vordering terugbetaald. Er is een nieuwe overeenkomst met de Rabobank gesloten. Geense maakt het nieuws wereldkundig op een persconferentie die midden in de grote ijshal wordt gehouden. Een aparte ervaring, maar verder niet zo belangrijk. ,,Dat we het geld bij elkaar hadden, dát was voor mij het hoogtepunt in het hele verhaal. Daarmee was de basis voor de redding van Thialf gelegd.”

Wat als het niet was gelukt?  ,,Dan was men met een vrijwel onverkoopbaar gebouw blijven zitten. En de crediteuren hadden helemaal geen cent teruggezien.”

Inmiddels zijn we vele jaren verder. Thialf is uitgegroeid tot een sfeervolle schaatstempel, waar al tientallen grote toernooien zijn verreden. Maar de concurrentie van andere ijsbanen wordt wel steeds groter, constateert Geense. Blijft Thialf het ijsstadion waar de internationale wedstrijden in Nederland plaatsvinden?

Voor Thialf ziet het er op dit moment gunstig uit. Almere krijgt haar plan niet rond en Zoetermeer lijkt haar ambities wat bij te stellen. Thialf en Zoetermeer zeggen elkaar te willen aanvullen. Die KNSB-brief uit 1987 aan Geense, zou die eigenlijk in de hele ijsbaandiscussie nog een rol spelen?

Thema: Bouw en vastgoed
Advocaat: mr. Dirk-Jan Westra

Meer nieuws Nieuwsbrief

Actueel

  • Verzoek verstrekking politiegegevens: niet altijd leiden er meerdere wegen naar Rome
    Lees meer
  • ORT en vakantie in de beveiligingsbranche
    Lees meer
  • Rotshuizen Geense en PlasBossinade gaan samenwerken
    Lees meer

Meer nieuws Nieuwsbrief

Deze website gebruikt cookies Ok